Noodfonds overbrugging werkgelegenheid (NOW)

Op 31 maart 2020 is de ‘Tijdelijke subsidieregeling tegemoetkoming in de loonkosten in verband met het coronavirus’ gepubliceerd. De volledige regeling vind u HIER.

De regeling wordt ook wel aangeduid als de NOW regeling. Daarmee krijgt u een deel van de loonkosten vergoed, afhankelijk van de omzetdaling die optreedt. Bij 100% omzetdaling wordt 90% van de loonkosten vergoed. Bij 50% omzetdaling wordt 90% van 50% (en dus 45%) van de loonkosten vergoed, enzovoort. Wel moet minimaal sprake van 20% omzetdaling zijn.

Hieronder leest u op hoofdlijnen hoe het werkt.

De aanvraag

De aanvragen worden gedaan bij het UWV. De aanvraag kan digitaal (geen eHerkenning nodig) worden gedaan.

Let op: de aanvraag gaat om een voorschot. Na afloop van de periode waarover de tegemoetkoming wordt gevraagd, moet een nieuwe aanvraag worden gedaan voor het vaststellen van de tegemoetkoming. Dat moet binnen 24 weken na afloop van de drie maandsperiode waarover de omzetdaling wordt berekend. Als u dat niet doet, wordt het voorschot als onverschuldigd teruggevorderd (!).

Periode

Aanvragen kan voor een periode van drie maanden, met terugwerkende kracht vanaf 1 maart en tot uiterlijk 31 mei.

Voorschot

Binnen twee tot vier weken hoopt het UWV een voorschot van 80% van de loonkosten uit te keren aan de werkgever. Het UWV kan besluiten in ten hoogste 3 termijnen te betalen.

Voor wie

Alle ondernemingen die genoeg omzetdaling hebben en personeelskosten hebben. Alle vaste, tijdelijke en oproepmedewerkers die in loondienst zijn, vallen onder de regeling (ook zieke werknemers). De regeling geldt niet voor werknemers voor wie geen sociale premies zijn afgedragen (zoals een DGA in dienst bij een eigen holding, of zzp’ers – uitzendbureaus kunnen dit voor hun eigen werknemers aanvragen). De tegemoetkoming wordt aangevraagd per onderneming met een eigen loonheffingennummer.

De belangrijkste voorwaarden

Werkgevers blijven 100% van het loon doorbetalen aan hun werknemers over de periode 1 maart tot en met 31 mei 2020.

Werkgevers mogen in die periode geen ontslagvergunning aanvragen om bedrijfseconomische redenen. Overige situaties waarin sprake is van een beëindiging (wederzijds goedvinden, proeftijd, ontbinding, einde bepaalde tijd) kunnen normaal worden toegepast. Als toch een ontslagaanvraag bij het UWV wordt gedaan, telt 150% van het loon van de werknemer op wie de aanvraag betrekking heeft niet mee voor de vergoeding van loonkosten (dus het loon met een opslag van 50%).

Berekening tegemoetkoming

De eerste grondslag van de tegemoetkoming is de bestaande loonsom. Het UWV neemt automatisch de gegevens uit de loonaangifte bij de Belastingdienst over. De loonsom van de maand januari 2020 wordt gebruikt om het voorschot (en de definitieve tegemoetkoming) te bepalen. Als daar geen gegevens van bekend zijn, dan neemt het UWV als peilmoment de maand november 2019. Verhogingen in de loonaangifte (over januari) na 15 maart worden niet meegenomen. Lagere loonkosten worden wel meegenomen.

De tweede grondslag is de geschatte omzetdaling gedurende een periode van drie maanden.

Werkgevers hoeven alleen de verwachte omzetdaling aan te geven. Dat wordt achteraf gecontroleerd. De omzetdaling hoeft niet met corona te maken te hebben. De omzetdaling moet worden aangetoond door een kwart van de jaaromzet uit 2019 te vergelijken met de verwachte omzet voor een periode van drie maanden, naar keuze te beginnen per 1 maart, 1 april of 1 mei 2020. U mag als werkgever dus kiezen vanaf welk moment het omzetdaling gaat meetellen.

Wat is omzet

De omzet, en dus ook de omzetdaling, wordt berekend op concernniveau, dus niet per werkmaatschappij (dat geldt dus ook voor een concern met verschillende loonheffingennummers).

Voor de definitie van omzet wordt aangesloten bij de omzetdefinitie in het jaarrekeningenrecht. Uw accountant kent dat begrip: de netto-omzet uit (i) opbrengsten van levering van goederen en diensten na aftrek van kortingen en omzetbelasting en (ii) overige opbrengsten, zoals uitkeringen, subsidies, renteopbrengsten, overheidssubsidies, giften en declaraties vanuit zorgverzekeraars.

Hoogte tegemoetkoming

Een werkgever kan bij 100% verwachte omzetdaling een tegemoetkoming aanvragen van 90% van loonkosten. De tegemoetkoming van het UWV is wel gemaximeerd per werknemer tot twee keer het zogenaamde maximum dagloon per maand. Dat komt neer op € 9.538, dus daar zullen verreweg de meeste salarissen onder vallen.

Hoogte loonkosten

De loonkostenvergoeding is gebaseerd het SV loon met een vaste opslag van 30%. In die opslag zit een compensatie voor werkgeverspremies en pensioenafdrachten e.d. Dit is een vaste opslag, ongeacht de branche waar u in zit.


Toetsing

De toetsing vindt pas achteraf plaats, waarbij een accountantsverklaring moet worden verstrekt omtrent de daadwerkelijke omzetdaling (waarschijnlijk komt er een categorie waarvoor geen verklaring nodig is). Een accountantsverklaring is niet vereist bij de aanvraag van het voorschot. Als de loonsom gedaald is, wordt de tegemoetkoming ook lager.

Boete

Er komt een boete als werkgevers nu bewust een aanvraag doen terwijl ze bijna zeker weten dat ze failliet gaan. Het UWV zal dan als preferente schuldeiser niet alleen het voorschot terugvorderen, maar die verhogen met een boete.

Duur regeling

De regeling is in principe geldig voor twaalf weken, ingaand met terugwerkende kracht tot maximaal 1 maart 2020 en aan te vragen voor uiterlijk 31 mei 2020. Na twaalf weken kan de regeling worden verlengd met nog eens twaalf weken. Mogelijk wordt de regeling tussentijds dan nog aangepast.

Dividend uitkeren

Er is geen koppeling tussen de NOW regeling en dividenduitkeringen door bedrijven.

Werktijdverkorting (de oude regeling)

Reeds gedane aanvragen moeten nog worden aangevuld met de verwachte omzetdaling.


DEEL DIT BERICHT

Share on linkedin
Share on facebook
Share on email